Wie in Berlijn op zoek is naar eten heeft een probleem. Het horeca-aanbod is zó enorm groot dat kiezen een hele opgave is. In vrijwel iedere straat zijn er genoeg (goedkope) eettentjes te vinden; variërend van bakkers, dönerzaken tot aan…. veganistische eetcafés. Die laatste categorie is groeiende. Vooral in Prenzlauer Berg en Friedrichshain hebben zich veel bio-winkels en veganistische winkels gevestigd. Een voorbeeld van een veganistisch eetcafé is ‘Der Vöner’. Dit eetcafé biedt het zeer populaire broodje Döner aan in de vorm van een Vöner, wat een vegetarische Döner inhoudt. De Vöner bestaat uit ca. 35% verschillende groenten, 25% uit eiwit, 20% uit soja, 15% uit water en 3% uit olijfolie. De Vöner wordt net als de Döner van een spies gesneden en geserveerd in Turks brood met salade en zelfgemaakte sauzen. Een goed alternatief om als vegetariër mee te kunnen doen aan de traditie van het broodje dönereten na een avond flink doorhalen. Naast de Vöner wordt in het ‘Vöner’-café de ‘Wagenburger’, de ‘Bio-Burger’ en patat verkocht. De patat wordt gemaakt van bio-aardappels en elke dag fris gesneden en gefrituurd. Behalve de sauzen en kaas zijn alle gerechten veganistisch. Er is trouwens ook veganistische mayonaise verkrijgbaar. De eigenaren van de Vöner hebben behalve dit leuke eetcafé ook nog een eetbus genaamd de ‘Wagenburger’ waarmee in de zomers naar festivals gereden wordt om daar de mensen te voorzien van een Vöner of Wagenburger. De rijdende wagenburger is buiten de festivals te vinden op het terrein Revaler Straße / Modersohnstraße. Dat is een wild landje waar mensen in woonwagens wonen omdat zij liever niet in een gewone woning wonen. Energieaansluiting hebben zij niet; windmolens en zonnecollectoren zorgen voor energie. Rioolaansluiting ontbreekt ook; een rij Dixi-toiletten voorziet in deze behoefte. De wagenburgers en de vöners zijn manieren om hun leefstijl te economiseren. Buiten de al bestaande biologische en veganistische eetcafés is er sinds kort een nieuwe supermarkt in Berlijn geopend. Niets bijzonders, zou je zeggen; maar het gaat hier niet om de zoveelste Aldi of Lidl, die als paddestoelen in een vochtig herfstbos uit de grond schieten, maar om een veganistische supermarkt. ‘Veganz’ is de eerste supermarkt met een veganistisch assortiment die in Berlijn zijn deuren opent. Sinds augustus heeft deze supermarkt in Prenzlauer Berg haar deuren geopend. Geen wonder; hier is de afzetmarkt groot; veel bewoners uit deze wijk zijn nogal biologisch en veganistisch ingesteld en zijn blij met de komst van deze supermarkt. De supermarkt, van zo’n 250 vierkante meter verkoopt veganistische levensmiddelen maar ook schoonmaakmiddelen en cosmetische artikelen. Alle producten zijn niet op dieren getest. Dat levert gemak op; door de zekerheid die de klanten krijgen dat deze producten eerlijk zijn is het niet meer nodig om voortdurend de productinformatie op de verpakkingen te bestuderen. In ‘Veganz’ worden uitsluitend plantaardige producten verkocht: wie producten als eieren, kaas, melk of honing zoekt, zoekt tevergeefs. Ongeveer 6.000 veganistische producten worden in ‚Veganz’ aangeboden, uiteenlopend van babyvoeding, hondenvoer tot schoonmaakmiddelen. Alles is hier te vinden wat veganisten zo in het dagelijkse leven nodig hebben. Er wordt zelfs rekening gehouden met mensen met een allergie: lactosevrije producten en glutenvrije levensmiddelen liggen in de schappen gretig op klanten te wachten. Het verse fruit, groente en kruiden komen vooral van bedrijven uit de regio. In de winkel is een vruchtenbar aanwezig waar je uit een groot aanbod van noten en gedroogde vruchten een lekker portie kunt samenstellen. De ijs, kaas, pizza en worst, gemaakt van soja of andere plantaardige producten, zijn in de koelvitrine te vinden en taarten, cakes, brownies, broodjes en broden zijn in het café en bistrogedeelte naast de supermarkt te koop. Veganz kan de mensen voorzien van levensmiddelen die men voorheen vaak via internet moest bestellen. Vanaf nu geen gedoe meer van bestellen via internet maar gewoon even bij de supermarkt naar binnen lopen voor je dagelijkse benodigdheden. Vöner - der vegetarische Döner Boxhagener Strasse. 56 Niet ver van Bahnhof Ostkreuz www.voener.de
Vegans Schivelbeiner Strasse 34 in Prenzlauer Berg www.veganz.de
Dit is een blogbijdrage van Wahlberlinerin Margit Cevaal. Zij schrijft als gastbloggerin regelmatig een blogpost.
Paniek! Beatrix Wilhelmina Armgard Prinses van Oranje-Nassau Prinses van Lippe-Biesterfeld kwam op bezoek in Berlijn. Met in haar kielzog het Amsterdams Concertgebouworkest met dirigent Mariss Jansons en violiste Janine Jansen. Als geste naar de Duitse bevolking traden zij op in de Philharmonie. Ik had de kans dit concert bij te wonen. En zei uiteraard ja op deze uitnodiging. Toen sloeg de paniek toe. Want op de uitnodiging stond: avondkleding verplicht. Meteen ben ik m’n kledingkast ingedoken. Had ik niet…? Nee, de krochten van mijn kledingkast lieten alleen maar kledingstukken zien waarvan ik dacht dat deze allang bij de Humana hingen. Humana? Hm… misschien hangt daar we de oplossing. In een column had Jelle Brandt Corstius namelijk geschreven dat je nooit een smoking moet huren, want te duur en 200% polyester en dat een smoking kopen een veel betere oplossing is. Op naar de Humana flagship store, die gelukkig vlak om de hoek is. Vijf etages kledinggenot in voormalige Stalin-suikertaart. Voor € 75,- was ik klaar: op en top gekleed. En het concert was prachtig. Het heeft me wel op ideeën gebracht. Ik heb geen idee of Berlijn een shoppingstad bij uitstek is. Ik ben niet zo van het shoppen, zie het meer als noodzakelijk kwaad. Ik loop liever door de stad en laat me verrassen door wat ik zie. Dan zie je vaak het beste, want onvoorbereid. Zoals Colours. Niet echt een Duitse/Berlijnse naam, maar het past wel heel goed bij Berlijn. Op meer dan 1000 vierkante meter, te bereiken via een binnenhof en een trap (zie foto voor ingang), is allerhande tweedehands kleding te vinden. Van synthetische Adidas-trainingspakken, waar je de zweetgeur vanzelf bij bedenkt tot aan knaloranje hemden met kragen tot aan je oksel. Nostalgie voor wie er ooit zelf in gelopen heeft. Bij mij riep de winkel herinneringen op aan de Bazar in Amsterdam, waar je voor 25 gulden een kilo kleren kon kopen. Waar ik ooit een prachtig Chanellerig mantelpakje op de kop heb weten te tikken. Waarin ik vervolgens in het kader van een weddenschap mijn middelbare schooldiploma ben gaan ophalen. Succes verzekerd. Dus: leve de king, leve de smoking, leve de koningin! Open: maandag tm. zaterdag 11-19 Bergmannstraße 102 Berlijn-Kreuzberg Maandag tm. vrijdag: vaste prijs: één kilo voor € 14,99, maar iedere dinsdag van 11-15 uur 30% korting. Dat heet in Berlijn: “Happy Hour”. En dat duurt altijd minstens twéé uur.
Eigenlijk is het een uitgesproken lelijke straat. Met haar vier rijen verkeer; trams, vrachtwagens, bussen: het walhalla voor de fietser met suïcidale neigingen. De modescene heeft deze halve autosnelweg dwars door Mitte ontdekt. Alles eromheen is inmiddels gesaneerd, gerenoveerd, geverzuurstokkleurd, af, klaar, mooi zo. Behalve de Torstrasse, want die is te lelijk, te druk, te vol met auto’s. Niet alles hoeft mooi te zijn om goed en prettig te kunnen functioneren, godzijdank. De Torstrasse is niet chic en niet clean, maar alternatief en rauw; pure subcultuur. Een straat die nog niet in een hokje past, die nog niet is doodgedefinieerd of verconceptualiseerd. Een vergeten hoek van de stad. In DDR-tijd zijn de lege gaten volgeprakt met plattenbauflats die gelukkig nog niet zijn gerenoveerd en daardoor het karakter van de Torstrasse versterken. Een wandeling van begin tot eind van de Torstrasse duurt een half uurtje. Maar eigenlijk veel langer.
Wat is het geheim van de Torstrasse? Dat, omdat de straat zo onaantrekkelijk is, de huren laag zijn en dat trekt weer de leukste en bijzonderste winkels aan. Prada naast döner. Zo’n straat waar om tien uur ’s ochtends de bouwvarkens aan hun eerste biertje lurken. Goede smaak, slechte smaak. Alles in één straat. En daarmee allesbehalve saai.
 Torstrasse: boven oranje Spandauer Vorstadt De Torstrasse grenst de Spandauer Vorstadt af. Aan de andere kant van de Torstrasse begint het verhipte Prenzlauer Berg. De Torstrasse koppelt vijf voormalige stadspoorten aan elkaar, waar niets meer van te zien is: Prenzlauer Tor, Schönhauser Tor (alleen het lelijke jaren negentigkantoor heet zo), Rosenthaler Tor, Hamburger Tor en eindigt bij de Oranienburger Tor. Zo sluit de Torstrasse halvemaanvormig het oude Mitte af. Een wandeling. Dik twee uur vertier & plezier: Start op nummer 72, bij de Rosenthaler Tor/Platz, komend vanuit de Rosenthaler Strasse, Mitte. Op Torstrasse 72 is St. Oberholz te vinden. Dat is de geboorteplaats van de digitale bohème. De Rosenthaler Platz is bekend vanwege de verfactie op 25 april 2010, zie de video. In St. Oberholz kom je niet binnen zonder een Apple onder je arm. Ze verhuren vrij dure, maar mooie vakantiewoningen. Vanuit de Rosenthaler Platz bij St. Oberholz rechtsaf de Torstrasse in. Meteen het eerste contrast: café Pik-As, een kaartcafé, zit vrijwel direct naast het hippe St. Oberholz. En een korn (kruidenbitter) kost er maar € 1,- Op 94 zit Redesign Deutschland, een firma die naast meubels en boekenkasten ook een statement met 10 punten heeft hoe Duitsland positief te veranderen. No 74-berlin.com is gelegen op nummer 74, een winkel/galerie waar onlangs nog de Super Show van het mannenmodeblad Fantastic Man heeft plaatsgevonden. Schitterend Deens meubeldesign uit de jaren ’60 en ’70 is te vinden bij STUE op 70 Voor wie heel erg op zoek is naar Poolse posters: op 62 is PIGASUS, de poolse postergallery. Het fenomenale Kaffee Burger, waar de Russendisko Berlijn heeft veroverd zit op nummer 60. Al doorlopend kan het zijn dat je zool versleten raakt, of je veter breekt. Gelukkig is er de Shoereparatur met een etalage die sinds 1946 niet wezenlijk veranderd is. Dan is er in het kader van de contrasten op nummer 18 de imkervakhandel te vinden; zou je niet zeggen, want als bij zou ik de Torstrasse mijden, gezien de lucht door het zware vrachtverkeer. Bij de megakruising tussen Torstrasse en Karl-Liebknecht Strasse steken we links over en staan we recht voor het SOHO-house, het privé-hotel-club-restaurant-dakterras, waar onlangs Madonna logeerde en waarover ik eerder heb geblogd.  Zwembad op dak SOHO House Voor degene die hun liefdesleven wat willen oppeppen is op 3 Schwarzer Reiter gevestigd; een winkel voor luxury erotic lifestyle, zoals ze zelf zeggen. Gelukkig is op 32 weer de huurbeschermingsbond te vinden. En op 35 heeft de firma die in Flexkapital handelt een plekje gevonden. Bij classictattooberlin op 37 zit een te blond meisje met te oranje huidskleur in te strakke en te vale jeans te ongeïnteresseerd voor zich uit te staren. Wat zou dat eigenlijk zijn, een classic tattoo? Voor vermoeide voeten is er de Pantoffeleck (39), al 102 jaar allerlei soorten pantoffels; een essentieel onderdeel van het leven en wonen in Berlijn. Want na voeten vegen moeten de schoenen uit en pantoffels aan, anders kom je geen Berlijnse woning binnen. De Wiener Feinbäckerei: open vanaf 5 uur, op 49. Met een Geheimtipp voor na het uitgaan: éérst ontbijten, dán slapen. Gelukkig is er ook een flink links café op de hoek van de Tor- en de Christinenstrasse; Café Baiz dat adverteert met: ‘ kein Bex (= Becks Bier, het meestgedronken bier )kein Latte (= latte macciato, de lijfdrank van de yuppen, volgens linkschaoten )kein bullshit und dan auch noch selbstbedienung“. Ofwel: Berliner Schnauze (grote bek) in optima forma. Op 56 zit het exclusieve label Kaviar Gauche, dat van Dubai via Canada tot aan Tokio verkoopt. En voor de weinigen die Kaffee Burger niet vrolijk verlaten is op 67 de Happy Shop te vinden: alles met smileys en de betere modemerken. Op de hoek met de Gormannstrasse, op Torstrasse 83 zit de Odessa Bar. Goede bars zijn altijd op een hoek. Dit is wel een echte drinkgrot. Het fantastische architectuurantiquariaat Unterwegs zit op 93. Wie zich heeft verlekkerd aan mooie oude architectuurboeken kan dat ook doen in Haus Rosenthal, een oud Biedermeierpand dat ontwikkeld wordt op 95. Exclusieve lofts van 245 vierkante meter. Daar moeten flink wat boeken te stallen zijn. Op 106 is Möbel Horzon: een boekenkastenfirma die Ikea van de markt willen drukken. Die ironie, kunst gemengd met commercie, kenmerkt de Torstrasse. Humor heeft ook de preiswerte bestatter; Feuerbestattung ab € 435,- ofwel: Asgard Bestattungen op 109; de goedkope begrafenisondernemer; crematie vanaf € 435,-. Leven en dood, ze liggen in de Torstrasse dicht naast elkaar. Op`de kruising met de Weinbergsweg is de hosteleritis flink toegeslagen. het Circus Hostel, dat sterk figureert in het geweldige Berlin, techno und der Easyjetset van Tobias Rap, en daartegenover het net opgeleverde All Seasons hotel. Artek Kippis design, waar waar hedendaags en klassiek hand in hand gaan is te vinden op 147. Let op het gat tussen de nummers 153-157; een typisch Berlijnse brandwand. Heerlijk eten kan op 167 in restaurant Bandol sur Mer, niet alleen beroemd omdat Brad Pitt er wel eens at, maar omdat het minirestaurant zich in een voormalige dönersnackbar bevindt. Dat is nog te zien omdat de keuken middenin het restaurant staat. Aanrader. Hier is het een Frans hoekje want op 170 is Sur La Montagne een plek om te poetryslammen. Op 173 is de nogal exclusief uitziende Noto bar en restaurant te vinden, met vlak darnaast de al even exquise galerie/bloemenwinkel Brutto Gusto van de Nederlander Geer Pouls. Voor bijzonder eten kun je ook op 183 terecht bij Themrock. Met herinneringen aan de DDR in het interieur worden hier twee menu’s per dag aangeboden, Frans georiënteerd. Kale inrichting, maar charmant-chaotische bediening incluis. De Torstrasse kent zelfs een minibiergartentje, tegenover Tucholskystrasse, op 193. Ik zou er niet zo snel gaan zitten, maar ja. Hier is restaurant Tucholsky te vinden, of eigenlijk: restauration Tucholsky, voor ouderwetsch goede Berlijnse burgermanskost. Voor geen prijs, uiteraard: Riesen-Kohlroulade nach Alt-Berliner Rezeptur mit deftiger Specksoße und Petersilienkartoffeln voor maar € 9,90. Zeker weten dat je goed gevuld naar buiten gaat. Als een rollade. Op 201 is weer zo’n bizarre mix te vinden van galerie en design; het Design Panoptikum. Meubels, lampen, tafels, typemachines, bowlingtrofee’s, retrotelefoons, kasten, banken: alles van 1910 tot 2000 is er te vinden. En ook te huur.
Rondom nummer 205 staat de achtlagige steenstripsplattenbau uit de jaren tachtig soeverein te wezen. Bijna weer charmant. Ze trekt zich niks aan van de hele Torstrasse. Tartane op 225 is een aardig, bescheiden restaurant. En de Torstrasse zou geen Berlijnse straat zijn als er geen apotheek op de hoek zou zijn. Snel oversteken! Op 230 aan de overkant is Julia and Ben; een onafhankelijk Berlijns modelabel en winkel. Vlak naast 222 is het Burger House met alweer de tweede minibiergarten van de Torstrasse. Op 190 is het kantoor van Datenstrudel. Weer zo’n mengsel van design, kunst en commercie. Datenstrudel is bekend van hun geweldige project Standard Time, waar stevige werkmannen een houten digitale klok in real time iedere minuut aanpassen. Duitsers zijn volgens mij grotere brildragers dan Nederlanders. Dat bewijst Lunette selection op 172: hippe brillen! Het allerkleinste hotel –want 1 kamer- van Berlijn is neergestreken op nummer 170: hotel Minimal. Slapen kost er € 35,- Op 166 was ooit een interessant kunstproject; nu een van de vele leegstaande panden in Berlijn. Sjieke keukens op 140 van Bulthaup. Saai, duur en degelijk. Ook op 140: het Kinder Kaufhaus. Niet om kinderen te kopen, maar om spulletjes voor kinderen aan te schaffen. Op 134 is de Alte Seifenfabrik met de Be smartacademy te vinden, daar kan je je kind op de kleuterschool voorbereiden, zowel Engels- als Duitstalig. Dan zijn we weer bij het startpunt, de kruising met de Rosenthaler Strasse. De Torstrasse. Een straat waar sjiek en sjofel letterlijk op elkaar knalt. Eigenlijk een spectaculaire straat, zogezien. Enorm veelzijdig, onderhoudend, spannend, vernieuwend. En nu maar hopen dat niet iedereen de straat ‘ontdekt’, de investeerders in de rij gaan staan en de straat doodgesaneerd wordt. Met saaie concept stores tot gevolg. Daarom een dringende oproep aan eenieder die na het lezen van deze blogpost de Torstrasse gaat bezoeken en enthousiast wordt: vertel het geheim van de Torstrasse alleen door aan diegene waarvan je denkt dat het in goede handen is. Want: nur wer Berlin wirklich kennt kann es wirklich lieben.
Het valt niet op. Althans; voor je het weet loop je er zo aan voorbij. Er is genoeg te zien in de Oranienstrasse in Kreuzberg, de levensader van alternatief Berlijn. Boven de etalageruit staat: "Insert Coin”. Plotseling kan een willekeurige passant je een 10-centmuntstuk vragen. Die passant die even later midden op de stoep kan staan te swingen.
Wat is het? Het project tamamümemü (tien keer snel achter elkaar zeggen en je wordt al vrolijk). Tamamümemü staat voor: Ta(nzen) ma(cht) mü(de) Me(nschen) mu(nter) ofwel: dansen maakt moeie mensen monter.
Dat is een goed motto. Zeker in het nog koude, grauwe februari. En het is waar: heb je een probleem, zorgen of teveel gegeten: een paar danspasjes maken je subiet vrolijk.
Dat kan hier, want na het inwerpen van 10 cent gaat de discobal in de etalage draaien, flippen de spots aan en klinkt discomuziek uit de etalage. De discoautomaat is een installatie in de Sox Gallery, een onopvallende gallerie in het alternatieve winkelgeweld in de Oranienstrasse. Het is een tijdelijk kunstproject van Katja Kollowa. Haar project toont aan dat kunst helemaal niet altijd schokkend, hemelbestormend, oudersgrievend, relevant of wereldveranderend hoeft te zijn. Lachen met kunst mag (L.M.K.M.)
Wie zijn heupen los wil schudden kan tot 6 maart terecht in de Oranienstrasse 175 in Kreuzberg.
We moeten het toch ’s over geld hebben. Wie denkt: ‘bwêh, sáái” geef ik geen ongelijk. Zelf ben ik rond 1994 opgehouden met rekenen en geld tellen. Dat kan ik niet, dus laat ik aan anderen over die dat leuker vinden.
Het arm, aber sexy (de kreet waar onze burgemeester Wowi zo’n succes oogst in het buitenland) heeft af en toe een wrange nasmaak. Want nu is de verkoop van de BIM, na een poging die een jaar geduurd heeft, op een fiasco uitgedraaid. Kosten: 7 miljoen. Niet aan verkoop, maar aan specialisten die de (mislukte) verkoop moesten begeleiden.
Wat is de BIM? Dat is een 100%-dochter van het Land Berlin (Berlijn is stad en provincie ineen, een zogeheten stadsstaat). BIM beheert het vastgoedportfolio waarin de restjes van 29 verschillende fondsen van het ineengestorte Bankgesellschaft Berlin zijn gebundeld. (Doorlezen! Ook al gaat het nog saaier worden want het gaat over banken!).
De Bankgesellschaft Berlin wordt in 1994 opgericht en bestaat uit de Berliner Bank, de Berlin-Hannoverischen Hypothekenbank en de Landesbank Berlin. Een van de doelen is om de zwakke (jaja, toen ook al) Berliner Bank te redden. Politiek is er de wens om een grote stadsbank te hebben. Daarna stort de bank zich onder meer op de vastgoedontwikkeling.
Om beleggers te trekken moeten de fondsen waar beleggers aandelen in kunnen kopen zo aantrekkelijk mogelijk gemaakt worden. Met droomaanbiedingen en supergunstige voorwaarden worden beleggers gelokt. Huurgarantie voor 25 jaar, gegarandeerde huurverhoging gedurende 25 jaar, bouwkosten die bij bouw van nieuwe kantoren bij de bank en niet bij de belegger terechtkomen et cetera. Dat kan niemand weerstaan; nul risico, 100% winstzekerheid; wat wil een mens nog meer? Gevolg: de aanloop aan beleggers is niet te stoppen.
Dan begint de sneeuwbal te rollen. Want om de toeloop aan beleggers te weerstaan is vastgoed nodig. Want meer vastgoed betekent meer fondsen waaruit aandelen verkocht kunnen worden. Hiertoe word steeds meer vastgoed opgekocht, ook al is dat onrendabel vastgoed. Het risico van dat onrendabel vastgoed ligt bij de bank, want de beleggers zijn immers risicovrij gehouden. Om die risico’s bij de banken omlaag te krijgen wordt…..nóg meer vastgoed gekocht. Op deze manier is natuurlijk steeds meer geld nodig. Stromannen maken het juridisch mogelijk dat de bank meer en meer geld maakt. De boekhouder, de secretaresse; allen worden ineens hoofd van een deel van de bank. Niet echt, maar alleen om de mogelijkheden om geld te maken te vergroten. Zo lukt het om rond de 7 miljard euro aan geld te ‘maken’. Geld dat er niet is. Alleen op de balans van de bank komt het virtueel voor. Er ontstaat een schaduwbank met meer dan 20 dochterondernemingen. Rond 2000 komt de bank in de problemen, ondanks de door PriceWaterhouseBloopers goedgekeurde plannen van de bank. Begin 2001 wordt duidelijk dat het zaakje stinkt als de verkoop van een deel van het vastgoedportfolio aan een niet-bestaande bedrijf op de Kaaimaneilanden mislukt. Februari 2001 grijpt justitie in en treedt Klaus-Rüdiger Landowsky, bedenker van de bank en éminence grise van de Berlijnse CDU terug. Hij heeft dan al DM 20.000 in zijn maatpakzak gestoken.
Er wordt gepoogd te redden wat er te redden valt. Er is twee miljard euro nodig om de bank overeind te houden. Maar dat lukt niet. De beer is los en de deksel van de bankbeerput. Gesjoemel, bevoordeling van bankmedewerkers, dikke villa’s op naam van de bank, steekpenningen, zware connecties met de politiek (CDU en SPD); noem maar op. En de stad Berlijn is verplicht om het risico van het vastgoedportfolio ter hoogte van € 21,6 miljard euro over te nemen. En om de beleggers schadeloos te stellen. Op zich past dit bankschandaal in de traditie in Berlijn, waar meerdere (bouw- en vastgoed-)schandalen gedurende de jaren zeventig en tachtig zich in west-Berlijn voordeden.
Nu is gepoogd om de BIM –het fonds waar de onrendabele resten vastgoed van de voorheen Landesbank Berlin in zitten- te verkopen. En dat is mislukt. Niet zo heel gek; het vastgoedportfolio heeft het uiterlijk van een rommelige keukenlade. Alles zit erin, en alles lijkt binnenkort nuttig om eens te gebruiken, maar bij elkaar een zooitje zonder enig verband tussen de verschillende onderdelen van het portfolio. De grap is dat de voorgenomen verkoop bijna rond was, maar dat deze op het laatste moment mislukt is doordat de koper anoniem wil blijven. Die anonimiteit past niet in het transparantiebeleid van politiek Berlijn. Ben je transparant, is het weer niet goed. Wie verder kijkt dan de goedbedoelde transparantie (kan dat eigenlijk?) en weet dat 2011 verkiezingsjaar is zal de transparantie met een flinke korrel zout moeten nemen. Want in verkiezingsjaar 2011 hoort het zoveel mogelijk vermijden van politieke schade tot het verplichte programma.
De potentiële koper van de BIM had er al geen zin meer in omdat zijn anonimiteit vlak voor verkoop oploste; het blijkt om een groep Britse investeerders te gaan van de groep Altyon. Achter dat fonds steekt weer een groot staatsfonds uit Abu Dhabi.
Ondertussen levert het keukenlaportfolio jaarlijks een driestellig bedrag aan rentelasten voor de stad Berlijn op. Het betreft ruim 39.000 woningen en circa 3.000 stukken grond. Veel daarvan is niets meer waard; de erfenis van het Berliner bankschandaal. Mooi verpakt in 29 verschillende vastgoedportfolio’s wachten benzinestations, supermarkten, woonblokken, halflege appartementenblokken en om renovatie smekende bejaardentehuizen op betere tijden. Allemaal van BIM en dus van de stad Berlijn.
Met dit in het achterhoofd kijk je toch anders naar al die halflege gebouwen en onbebouwde plekken in de stad. Want de restschuld is bijna vijf miljard.
Arm aber sexy, jaja.
Wat ben ik blij dat ik nooit voor dat bankenvak gekozen heb. Of voor politiek.
Wie een appartement voor zijn verblijf in Berlijn zoekt en op Apartment uitkomt zal vreemd staan te kijken. Want Apartment is een van de meest bizarre en meest Berlijnse plekken van Mitte. Het begint al met de locatie: net fout, namelijk op het randje van het gezellige Mitte en de grauwe Alexanderplatz, zit dit fenomeen onderin een Plattenbauflat. Bij binnenkomst valt vooral de leegte op. Soms staat er een bos bloemen, waarmdoor de lege, kale ruimte zich kan vullen met de zware, zoete lucht van lelies die zich als een dikke deken om de bezoekers drapeert. Het ware geheim van Apartment bevindt zich onder de grond. Een exclusieve kledingzaak, met mooie kleding, van onder meer Bernhard Wilhelm, die pas te zien is als je de zwarte wenteltrap afdaalt. Hier komen veel aspecten van Berlijn samen: de leegte, de jaren zestig Plattenbau, exclusiviteit, de je-moet-het-kennen-anders-loop-je-eraan-voorbij-sfeer, de afkeer van snel consumentisme. Een verademing tussen de Adidassen, Campers, Paul Frank stores en Nikeshops. Maar ja, nu weer verklapt. www.apartmentberlin.de
|