Misschien een vreemde vraag en misschien moet ik zoiets op Twitter vragen, maar waarom zijn er in Nederland geen overdekte markthallen? Van die hallen waar handelaren hun waar aanprijzen, zonder dat je nat wordt, of wegwaait? Ik ken ze uit andere landen, maar in Nederland schijnt het niet te mogen(?) voorkomen. En ja, ik weet het, er wordt er momenteel in Rotterdam een gebouwd, maar dat is geen antwoord op mijn vraag. 

In Berlijn is stadsbouwmeester Hermann Blankenstein de grote markthallenbouwer geweest. Hij heeft tussen 1890 en 1900 veertien markthallen ontworpen. Basis voor de markthallenbouwgolf was het besluit uit 1883. De hygiënische omstandigheden bij markten zouden beter te controleren zijn in van gemeentewege opgerichte markthallen. De snel groeiende Berlijnse bevolking was een tweede reden om de markthallen te bouwen: vele monden moesten gevoed worden. Opvallend verschil tussen andere echte landen en Duitsland: waar in andere landen vaak één centrale markthal is gebouwd (zoals de geweldige Mercat de la Boqueria in Barcelona) werden er in Berlijn meteen veertien gebouwd.
Anno 2012 zijn van de veertien markthallen momenteel alleen de hallen VI, IX, X en XI. nog in gebruik. De rest is ten onder gegaan aan oorlog, concurrentie, vernieuwing of wegblijvende klanten. Zo is Markthalle Xll, die in 1890 geopend werd al in 1898 wegens gebrek aan koopkracht gesloten. Sommige markthallen zijn nog duidelijk als zodanig herkenbaar, zoals de Marheineke Markthalle (nummertje Xl), die in 2007 compleet verbouwd is en nu met meer dan 50 verschillende winkels een paradijs is voor de fijnproever. Middenin de Bergmannstrasse heeft deze markthal weten te overleven. Deze hal is bespaard gebleven wat Markthalle Vl wel is overkomen: van buiten mooi gebleven, van binnen ‘totsaniert’ ofwel doodgerenoveerd (dat woord mag wat mij betreft ook in Nederland worden ingevoerd, geld helaas voor heel veel oude gebouwen in Nederland). Aan de buitenkant oud, maar binnenin is een ordi supermarkt te vinden. Een soort omgekeerde facelift, waarbij de buitenkant wordt opgejongd maar de binnenkant verouderd. Facadisme waar niemand wat aan heeft.
Andere markthallen zijn gedemonteerd en in andere plekken hergebruikt, zoals Markthalle Vll, waarvan delen zijn geïntegreerd in de bebouwing op de Legiendamm en waar nu een fijn simpel Berlijns restaurant te vinden is, dat -hoe toepasselijk- Zur kleinen Markthalle heet.
Picture
Bijzonder is de Arminiushalle, ofwel Marthalle X, die is omgebouwd tot ‘Zunfthalle’; ofwel een ‘derde’ plek zoals ze het zelf noemen;een plek waar je oude ambachten opnieuw kan beleven, zoals de Brewbaker-brouwerij, waar ambachtelijk bier wordt gebrouwen. En er is nog meer. Want hoewel Markthalle IX in Kreuzberg half afgeragd nu slechts een KiK en een Aldi herbergt, wordt deze hal stap-voor-stap getransformeerd.

Hiertoe is in 2009 een projectgroep opgericht die van de markthal weer een sociaal, economisch en cultureel middelpunt van de buurt wil maken. De markthal was in de uitverkoop gedaan door de Berliner Grossmarkt (BGM) die van de hal afwou. Eenieder die wil kon zich inschrijven bij verkoop. Doel van de projectgroep was om te voorkomen dat de markthal door de hoogst biedende partij zou worden gerenoveerd tot veredelde supermarkt, iets dat andere markthallen zoals de Ackerhalle helaas is overkomen. Hiertoe hebben zij een plan gemaakt en dat onder de ogen van de politiek geduwd om met hun concept de politiek ervan te overtuigen voor kwaliteit in plaats van geld te gaan. En voro de verandering deed de politiek dat eens een keer.
Picture
Foto: Elke Aubron
De Markthalle IX is door de BGM van frutsels ontdaan waardoor de hal tijdens de inschrijvingsperiode voor de verkoop al tijdelijk gebruikt, onder meer door de Prinzessinnengarten, die er een perfecte overwinterplaats vond voor haar mobiele plantentuin. Koffie drinken tussen de rode kool.

Doel van de projectgroep is om handelaren naast elkaar hun waar te laten aanbieden: van de Turkse slager tot aan de biotuinier uit Brandenburg en de Libanese broodbakker tot aan de Berlijnse bloedworstproducent. Geen gezichtsloze supermarktketen met slecht of van dat door Albert Hel voorgesneden en half voorgekookte eten. De markthal wordt zo (opnieuw) een platform waar regionale producenten hun producten aanbieden.
Het idee is om een stad in een stad te verkrijgen; een microkosmos met grote variatie door de veelzijdigheid van klanten en producten. Bij het componeren van het concept is de projectgroep ondersteund door het Berlijnse architectenbureau Raumlabor. Zij hebben samen met een groep internationale architectuurstudenten een flexibel systeem ontworpen waarmee de handelaren in de hal hun waar kunnen aanprijzen. Heel erg knutselig, heel erg Berlijns. Ziehier het leuke en grappige flipje op Vimeo.
Picture
Concept van Raumlabor
Andere activiteiten die er hebben plaatsgevonden om de aandacht weer op de markthal te richten waren de bijeenkomst "Kiez trifft Region" waar regionale (kleine) handelaren hun waren konden aanbieden aan de Kiez (buurt). Of Terra Madre (sanenwerkingsverband van ecologische voedselhandelaren) die in samenwerking met de Berlijnse afdeling van de Slow Food beweging een middag over eten organiseerden. Ziehier voor Vimeo-filmpje.
 
Heel uniek was CHEZ ICKE, een innovatief café/theater/feestproject.
Picture
CHEZ ICKE is bedoeld zoals eigenlijk iedere goede bar: woonkamer en een podium voor gasten tegelijk. Daartoe is in de Markhalle een huiskamerbar gebouwd, waar je, net als in een gewoon café, wat kon drinken. Tegelijkertijd traden er toneelspelers, muzikanten én de barvatar op. Niet zo bijzonder hoor ik U zeggen, maar het bijzondere zat ‘m in dat je interactief  per live-stream thuis vanuit je luie stoel achter je laptop alles kon meemaken wat er in de bar gebeurde. En daar komt de barvatar om de hoek kijken; die kijkt, drinkt, doet, praat voor jou. Via een chatfunctie is de barvatar aan te sturen. Met andere woorden: via de chat kun je de barvatar opdrachten geven. En de best-of-chatters maken een kans een plaats te krijgen in de Stammtischcharts (stamtafelcharts).

Renovatie staat op het programma en angst voor een Beeldkwaliteitplan of monumentengezeur is er bij de projectgroep niet. Is ook niet nodig, want de liefde voor de oude hal is groot, daar kan geen regel uit welk beeldkwaliteitplan tegenop. Daarbij komt dat er wel veel werk is te doen, want de BGM heeft de Markthalle lX duidelijk „abgewirtschaftet” dwz: er niets meer aan onderhoud gedaan sinds een jaar of tien. En ook is door de BGM geen enkele poging gewaagd om een concept zoals dat er nu ligt tot stand te brengen. Daarvoor is de afstand van het kantoor van de BGM tot aan de lokale handelaren en kopers in Kreuzberg letterlijk en figuurlijk te groot.

Bij Markthalle lX is de typische mix-van-nu aan het ontstaan: ondernemerschap mixt er met kunst mixt er met uitgaan mixt er met sociaal engagement; met vernieuwende ideeën, met vervagende branches en een hoop positiviteit. Een markthal die zich afkeert van de eenheidsbrij van goedkope supermarkten en aan vele kleine handelaren een platform biedt. Een plek met een symboolkarakter voor de grote verscheidenheid die Kreuzberg kenmerkt; de combi van economische creativiteit en sociale integratiekracht. 

Je zou willen dat dingen vaker zo gingen.

Markthalle lX
Eisenbahnstrasse 42/43 
Berlin-Kreuzberg

Voorlopig alleen warenmarkt op vrijdag en zaterdag
Check de facebooksite voor activiteiten
hier


 
 
Picture
Aan de wand van de trap naar de toiletten (waar tijdens het urineren Tatort als hoorspel te horen is; niet heel handig om ineens "HÄNDE HOCH!!" te horen....) hangt een collectie (zelf-)gehaakte pannenlappen, in het door mij veelbezongen en onvolprezen Michelbergerhotel, gelegen tussen oost en west.

Voor wie deze mannetjes niet kent, kijk hier.
 
 
Picture
Nathan Cowen en Jacob Klein, bron: FvF
Eigenlijk wil ik op dit blog geen reclame maken.
Maar doe dat natuurlijk toch. Voor Berlijn; over de stad, de straten, de mensen. Berlijnofielen naast mij doen daar vele pogingen toe. En soms presteren anderen het zo bijzonder, dat ik het niet kan laten dit onder de aandacht te brengen.

Daarom: graag uw aandacht voorrrrrrrrrrrrrrr……:
Freunde von Freunden, editie Berlijn!

FvF is een internationaal magazine, vol met interviews met creatieven met diverse achtergronden. Bijzonder is dat FvF de creatieven fotografeert in hun dagelijkse woon- en werkomgeving. Onlangs is de Berlijnse versie van FvF gepresenteerd: een megadik coffee table boek met interviews en beelden van Berlijnse creatieven. Uitgeverij Distanz heeft samen met kunstverzamelaar Christian Boros het boek mogelijk gemaakt. Boros is de rijke reclameman die in de Reinhardtstrasse een oude bunker heeft gekocht en volgestopt met zijn verzamelde moderne kunst. Die collectie kan bezocht worden. Een video van FvF laat Boros zien in zijn penthouse, bovenop de bunker, klik hier
Picture
Atelier Norbert Bisky, bron: FvF
Het boek staat vol met interviews met bijzondere types, zoals Jan-Henrik Scheper-Stuke, Junior-Chef van Edsor Kronen, de stropdassenfabriek die al sinds 1909 bestaat. Of Hadnet Tesfai, presentatrice en dj. Oorspronkelijk uit Eritrea is zij op haar derde naar zuid-Duitsland gekomen, om later haar geluk in Berlijn te gaan beproeven. Het atelier van Norbert Bisky, kunstenaar/schilder, laat zien hoe artiesten werken. Boris Radczun is opgeklommen van portier via dj, barkeeper, kok tot clubeigenaar en nu eigenaar is van de beroemde Berlijnse restaurants Grill Royal en Borchardt.

Heerlijk is het om via het boek en de site binnen te gluren in de appartementen van deze Berlijners. Duidelijk wordt dat aan ruimte in de stad geen gebrek is; appartementen lijken pas bij 200 vierkante meter te beginnen. Ook opvallend; het gros van de geïnterviewden zijn “Wahlberliner”; ofwel mensen die er voor gekozen hebben om in Berlijn te gaan wonenwerken, maar er niet zijn geboren.
Erg inzichtelijk is het interview op de site van FvF van Nathan Cowen en Jacob Klein. Leuk om te zien en te lezen, omdat zowel tekst als beeld een heel goede schets geven van hoe er in Berlijn (door de creatieven) gewoond en gewerkt wordt. Jacob komt uit een klein plaatsje uit midden-Duitsland, Nathan (die op Hawai is opgegroeid) liep stage in Berlijn en kwam er Jacob tegen. Een artistiek stel was geboren: Haw-lin Services, een combi van HAWai en BerLIN. Gestart in 2008 als online mood board waar ze beiden hun dagelijkse visuele research uitstalden. Inmiddels is de hobby uitgegroeid tot werk en fungeert Haw-Lin Services als een vernieuwend ontwerpbureau.

Jaja, ik weet ‘t heus wel; Berlijn bestaat lang niet alleen uit hippe creatieven met lofts vanaf 200 vierkante meter. Het stikt in Wedding van de broekafgezakte hiphopboys, trashy campingsmokingdragende werklozen in Marzahn, sjieke bontmutsbemutste mutsen in Charlottenburg/Wilmersdorf en lerenbroekdragende en besnorde “Altledersofas”-nichten in Schöneberg. Maar laat dit verhaal van Jacob en Nathan het cliché van creatief Berlijn bevestigen en geniet er van.
Picture
Het boek kost € 39,90
bevat 28 interviews
heeft 336 pagina’s
met 550 kleurenfoto’s
en meet 22 bij 30 centimeter


 
 
Picture
Foto: Bram Vermeer
In de Reinhardtstrasse, midden in de stad, om de hoek bij de door teveel toeristen geplaagde Oranienburgerstrasse is een echt fietsval-project te vinden.

Fietsvaleffect. Zo noemde architect Hein Salomonsen projecten die je in je ooghoeken ziet als je door de stad fietst, en waarvan je vervolgens van je fiets valt. In Berlijn valt het mee -of tegen- met de val-van-fietsprojecten. Maar in de Reinhardtstrasse staat er overduidelijk een. Het is een ontwerp geïnitieerd door Albert Speer, Adolf H’s rechterbouwhand. Die mocht in opdracht van Adolf Berlijn omschoffelen tot Germania. Om de bevolking te beschermen tegen de luchtaanvallen van de geallieerden zijn er in de stad op diverse plekken bunkers gebouwd. De bunker in de Reinhardtstrasse is er daar één van.
Waarom val je van je fiets als je het ziet? Omdat ik de eerste keren te snel langspeddelde, maar toch iets zag wat ik niet begreep: een betonnen kolos, met hele kleine ramen, maar ook een soort kantelen aan de bovenkant. Het leek wel een kasteel. Maar dan van beton. Alsof het mislukte kasteel van Almere ineens in Berlijn staat. De bunker is in 1942 ontworpen door architect Karl Bonatz en bood plaats aan circa 3.800 zielen. Niet alleen mensen uit de buurt, maar voornamelijk passagiers en personeel van de Deutsche Bahn, dat via het nabijgelegen station Friedrichstrasse konden komen schuilen.

In alle opzichten is het niet zomaar een brok beton. De bunker bestaat uit vijf verdiepingen, heeft terugliggende hoeken en monumentale ingangspoorten. Binnenin zijn vier grote trappenhuizen, met boven elkaar liggende dubbele trappen, zodat mensenmassa’s snel hun schuilplaats konden vinden. De muren zijn bijna twee meter massief beton, het dak is van drie meter dikte. Idee was om na de oorlog de betonnen buitengevel met natuursteen af te werken.

Dat is niet gebeurd. Want na de oorlog kwam er een muur in Berlijn. Vanaf 1957 wordt de bunker gebruikt om fruit op te slaan, met als gevolg de bijnaam bananenbunker. Bananen uit Cuba, uiteraard voor de partijleden, niet voor het gewone volk. Na de val van de muur wordt de bunker de ideale plek voor techno-, SM- en fetishparties, met namen als "Rot-Kreuz-Club" (later herbenaamd als "Ex-Kreuzclub", na protesten van het Rode Kruis).
In 1995 worden de autoriteiten wakker en wordt het oudjaarsfeest "The last Days of Saigon" verboden. Maar zoals dat dan gaat: het feest gaat gewoon door. Daarna is het toch echt afgelopen. De bunker gaat dicht. In 1993 koopt reclameman Christian Boros de bunker met als doel: ombouwen tot een centrum van hedendaagse kunst.

Het daadwerkelijke val-van-fietsgevoel vindt vooral binnen plaats. Je moet eerst door de gassluis, maar daarna sta je in de entreehal waar boven je hoofd een enorme klok bungelt. Zonder klepel, dus je ziet veel, maar hoort niks. Bizarre ervaring. En dat gaat zo maar door, circa 80 kamers lang. Want binnenin is de privéverzameling van Boros te vinden. Hij verzamelt kunst ‘die ik niet begrijp’ aldus Boros; inmiddels meer dan 400 werken. Bijna alle kunstwerken gaan de confrontatie met de bunker aan, want hele spannende, en soms ook ontroerende/emotionele kunst oplevert. Enige kunstenaars die er werk hebben zijn onder meer: Olafur Eliasson, Elizabeth Peyton, Anselm Reyle, Manfred Pernice, Tobias Rehberger, John Bock, Santiago Sierra en Terence Koh. Hier geen plaatjes van de kunst; lezer: kom zelf maar kijken en ervaren!

Niet alleen de kunst is schitterend, het is een heel bijzondere ervaring om door een gebouw heen te lopen dat ook andere tijden heeft gekend. Die sporen van de andere tijd zijn nog duidelijk aanwezig; de pijlen voor de gewenste looprichting, de ‘Rauchen verboten’-opschriften, de dubbele stalen veiligheidsdeuren, en in de gevel de littekens van schietpartijen. Architectenbureau Realarchitektur heeft de opdracht gekregen om de bunker om te bouwen en dat hebben ze heel goed gedaan. Geschiedenis is hier niet uitgewist, of gebruikt als decor, maar daadwerkelijk op de muur aanwezig. Binnenin vervaagt de grens tussen museum en galerie.

Jens Casper van architectenbureau Realarchitektur heeft voor Boros op het dak een Mies van der Rohe-Barcelonapaviljoenachtig penthouse ontworpen, met daktuin en zwembad, dat met moeite in het drie meter dikke massieve betondak kon worden uitgeboord.

Sammlung Boros is op zater- en zondagen te bezichtigen.
Reinhardtstrasse 20

Aanmelden via de webstek, en wel op tijd want snel vol. Als je je Nederlandse charme in de strijd gooit kan je het onaangemeld proberen; soms vallen er plaatsen uit en kan je alsnog onaangemeld mee.

 
 
Berlijn is vele werelden. Het is erg spannend om telkens weer een nieuwe wereld in je eigen stad te ontdekken. Zelfs als hij maar hemelsbreed tweeënhalf kilometer verderop ligt.

„Vietnam ligt in Lichtenberg“ is de reclamekreet van het Don Xuan Center. Ik ben nooit in Vietnam geweest, maar ik kan me er wel iets bij voorstellen. Het Dong Xuan Center is te vinden een drietal hallen op een voormalig industrieterrein in het weinig vrolijke Lichtenberg. Deze drie hallen zijn volgepropt met eten, drinken, kleding, kappers en van alles wat je maar goedkoop kan maken en nog goedkoper kan verkopen. Heel erg netjes is het er niet en de westerse waarden wat betreft hygiëne zijn geloof ik bij de ingangspoort van het complex blijven hangen, maar gezellig en bijzonder is het wel. Het Dong Xuan Center is de groothandel voor alle Vietnamese winkels in Berlijn en daarbuiten. Maar je mag er, in tegenstelling tot veel van dit soort groothandelachtige zaken in Nederland, ook als niet-groothandelaar gewoon je inkopen doen. Klanten komen uit heel Europa: Polen, Tsjechië België, Denemarken of Groot-Brittanie, aldus Dong Xuan zelf op haar webstek.
In Berlijn leven rond de 20.000 Vietnamezen, voornamelijk in oost-Berlijn waar zij sinds de jaren zestig als broedervolk werden verwelkomd. Noord-Vietnam was ook communistisch, vandaar. Eigenlijk zijn het de gastarbeiders of Turken van oost te noemen. In Oost-Berlijn zijn relatief weinig buitenlanders, maar als ze er zijn zijn het veelal Vietnamezen, die restaurants en Spätkaufs uitbaten.
Tot 1989 was dit gebied het centrale groothandelsmarktterrein voor de DDR. Het centrum is ontstaan op de manier waarop veel initiatieven in Berlijn ontstaan; zonder maar een cent van de overheid, of zonder maar een vorm van ondersteuning. En daarmee bevindt het zich eigenlijk in conflict met de ideeën van de dienst stadsontwikkeling, die hier helemaal niet zit te wachten op een stelletje groothandelende Vietnamezen. Maar gelukkig trekt de gemiddelde Vietnamees en Berlijner zich daar niets van aan en laat mooi zijn haar doen/koopt goedkope slippers/eet een Pad-soepje/zoekt een mooie Vietnamese jurk uit.
Heel bijzonder is de plek waar het center is gebouwd; op het terrein van de voormalige VEB Elektrokohle Lichtenberg. VEB betekent Volkseigenen Betrieb, ofwel door het volk zelf bestuurde fabriek. De Elektrokohle sloeg op het feit dat hier grafiet werd verwerkt. Dat betekent dat er koolborstels voor motoren en generatoren zijn gemaakt, specifieke lampen voor projectoren zijn gemaakt, weerstanden zijn geproduceerd, materiaal om hoogovens mee te bekleden et cetera. Heel erg schoon is het er niet geweest, de grond is giga vervuild.

Aan de Herzbergstrasse staat ook nog het voormalige Kulturhaus van de VEB Elektrokohle te verpieteren. Waar minister-president Otto Grotewohl van de DDR in 1950 de eerste steen legde staat nu een ruïne. Een van de meest bijzondere momenten beleefde het Kulturhaus op 21 december 1989, anderhalve maand na de val van de Muur, toen de West-Duitse punkgroep Einstürzende Neubauten, in het bijzijn van de Oost-Duitse schrijver en theatermaker Heiner Müller en de Franse cultuurminister Jack Lang, optrad. Daar is in 2009 een geweldige documentaire van gemaakt door regisseur Uli Schueppel: 
Elektrokohle-Von Wegen.
In de documentaire zien we de populaire punkband op weg van West-Berlijn naar het Oost-Berlijnse Lichtenberg. De muur is dan wel gevallen, maar er is nog steeds grenscontrole, waarbij iedereen elkaar in de maling neemt want het einde der DDR hangt dreigend in de lucht. Heel bijzonder is het voor de Oost-Berlijners om hun geliefde band voor het eerst live te kunnen zien. Maar niet alleen Oost-Berlijners komen naar het Kulturhaus; uit heel Oost-Duitsland stromen de fans toe. De garderobedame van het Kulturhaus is er beduusd van. En dat allemaal op de geboortedag van Jozef Stalin!

De documentaire gaat twintig jaar later met een aantal fans van toen de wegen van toen na. Dat levert een bijzonder en bizar tijdsdocument op, een tijdsmozaïek, over de band, de VEB Elektrokohle en de hereniging van de twee Duitslanden. Nu liggen de resten van de fabriek op apegapen en doen de Vietnamezen alsof er nooit een VEB Elektrokohlefabriek heeft gestaan.

Dong Xuan is vernoemd naar de grote hal middenin Hanoi, de Chợ Đồng Xuân, en betekent overigens voorjaarsweide. Dat u ’t weet.

Met tramlijn 8 naar Hanoi ? dat kan.
Het Dong Xuan Center ligt aan de Herzbergstrasse 128-139
Iedere dag open van 11- 20 uur, maar niet op dinsdag



 
 
Net als je denkt dat alle hoop vervlogen is piept-ie weer om de hoek. Het restaurant en club Rodeo, een van mijn favorieten, is namelijk geheropend. Of.. nouja… gehervernieuwdopend, geloof ik. Half oktober heeft de stiekeme, stille opening plaatsgevonden van Department, in de oude Rodeo-Club in het Postfuhramt, het voormalig postkantoor in de Oranienburger Strasse.  Tot februari van dit jaar kon er nog in Rodeo gegeten en gedanst worden. Daarna was het Schluß met de pret, het gebouw was gekocht door investeerder Elad die uit het postkantoor een hotel, winkels en kantoren wilde maken. 
Picture
Maar nu: andere naam, ander concept. Vanaf donderdag (november) tot en met zaterdag kan er gegeten en gedanst worden. Ook zullen er tentoonstellingen en evenementen georganiseerd gaan worden. De geplande verbouwing blijft voorlopig uit. Uitbaters van Department zijn Felix Brandts en Tawan Tehrani, die in clubrestaurant Spindler und Klatt de partyavond Butterfly Effect organiseren, een house- en hip hopavond. Het interieur is gedaan door de vrindin van Tehrani, de GTST-soapster Isabell Horn. Het schijnt dat ze zich door het shabby interieur heeft laten inspireren en alle meubilair van de vlooienmarkt heeft gehaald om Department in te richten. Hm…. dat geeft te denken. Soapster + vlooienmarkt = twijfelachtig. Die twijfel wordt sterker als ik de webstek van de heren Brandts en Tehrani bekijk: ‘eventmanagement, brand building, PR & media’. Belooft niet veel goeds. Oje, ik word al een ouwe Berlinmecker, zo’n zeur die zegt dat vroeger alles beter was… laat ik het ’t voordeel van de twijfel geven! 

Picture
Erg leuk –en wel weer typisch Berlijns- is dat Department –net als Rodeo- tijdelijk is. De uitbaters hebben maar 12 maanden de tijd. Pikant detail is dat investeerder Elad, die de fotogalerie CO Berlin die eveneens in het pand zit, weinig kans heeft geboden te blijven. CO verhuist binnenkort naar het Monbijoupark, iets verderop in de Oranienburger Strasse.  Waarschijnlijk zal na een jaar Department ook verdwijnen en plaats moeten maken voor de verbouwing van het gebouw tot hotel, winkels en voorzieningen. maar zeker weten doe je dat in Berlijn nooit. Ondertussen is de actiegroep Rette lebenswerte Mitte actief. Dat is een groep architecten en geinteresseerden die vinden dat de plannen van Elad veel te ver gaan en het oorspronkelijke concept van het Postfuhramt teveel aantasten. hun toon is pittig: “Herr Wowereit; Warum stoppt Ihr nicht endlich die geplante Zerstörung eines der schönsten Baudenkmäler Berlins: des Kaiserlichen Postfuhramtes. Warum verhindert Ihr nicht, dass der Großinvestor Elad den historischen Postfuhrhof mit zwei monströsen Neubaublöcken und mit einer gigantischen Tiefgarage für immer ruiniert?“

(Meneer Wowereit (=burgemeester), waarom stopt u niet de geplande vernietiging van een van de mooiste monumenten van Berlijn: het postkantoor uit de keizertijd. Waarom verhindert u niet dat investeerder Elad het historische binnenplein van het postkantoor met twee monstreuze nieuwbouwblokken en een ondergrondse parkeergarage voor altijd verwoest?). Ze hebben een punt, want mooier wordt het er niet op. En juist de morbide charme van het verval, zo kenmerkend voor veel plekken in Berlijn, wordt opgepoetst, afgestoft en doodgerenoveerd.

Dat wordt dus 12 maanden lang dansen op de vulkaan.

Department
Zaterdag vanaf 18 uuir eten tot 23 uur, daarna voetjes van de vloer
Denk erom: ingaan nog steeds aan de obscure achterkant in de Auguststraße 5 via het onmogelijk donkere binnenhof


 

Op jacht

08/18/2011

0 Comments

 
Picture
In Berlijn is “altijd genoeg te missen” (dank je, @Spree). Je kunt dagenlang op jacht zijn en rondhobbelen, op zoek naar trendy kledingwinkels, hipste uitgaansplekken of hotste kunsttentoonstellingen. Daar kan je moe van worden, en dan krijg je behoefte aan rust, aan groen, aan natuur (en iets lekkers erbij te eten en slurpen, want “de natuur is zeer mooi, maar u moet er wel iets bij te drinken hebben”; dank je, Willem Kloos).
Picture
Dan is de combi Jagdschloss Grunewald met Forsthaus Paulsborn een ideale. Beide liggen in het Grunewald, het grote bos in het zuidwesten van Berlijn. Prima met auto en fiets te bereiken. 
Picture
Het Jagdschloss Grunewald is het laatst overgebleven kasteel/slot in Berlijn. Het is gebouwd rond 1542 in opdracht van de Brandenburgse keurvorst Joachim de Tweede, in de stijl van de vroeg-renaissance. Het heeft door verbouwingen rondom 1700 ook kenmerken van de barokstijl. Het wordt sinds 1932 als museum gebruikt. Zo zijn er ook werken van Nederlandse schilders te zien. In 2009 volledig gerenoveerd staat het er nu weer fris bij. 

Picture
Vreemd genoeg zit er een uiterst simpele zelfbedieningskantine in het jachtslot. Voor echt lekker eten kun je beter naar de buren gaan, het Forsthaus Paulsborn. Dat is een nogal groot uitgevallen boswachterswoning die al sinds 1871 gebruikt wordt als plek om te eten –in dat jaar namelijk ingewijd door Keizer Wilhelm de Eerste. Dit neorenaissancegebouw biedt naast lekker eten ook de mogelijkheid om de nacht door te brengen. Eten kan binnen, maar ook buiten in de biergarten, met uitzicht op het meer in de verte; de Grunewaldsee. Een ideaal plekje om je vrij te maken van al het stadsgewoel. Maar ook een prima stek om, als je op weg bent naar het bruisende Berlijn, nog één keer frisse boslucht en groene energie op te snuiven, want beide panden liggen pal naast de belagnrijkste toegangsweg naar de stad, de AVUS ofwel de A115 (Ausfahrt nr. 2: Hüttenweg).

Picture
Dat kan zowel ’s zomers als ’s winters, want binnen biedt een keur aan (lekker truttige) ruimtes genoeg om je te ontspannen, zoals de Jägerzimmer, de Tiroler Zimmer of de (in Berlijn in de winter onvermijdelijke maar o zo prettige) Kaminzimmer (kachelkamer).
Slapen kan er vanaf 75 euro voor een twee persoonskamer. Je dient een goed doel als je er eet en/of slaapt. Het gebouw wordt geëxploiteerd door een firma die ‘jongeren met een grote afstand tot de arbeidsmarkt’ helpt aan een geschikte baan. Wellicht maak je daarmee een gevaarlijke kans op jachtsaus op je jurk of een schnitzel op je schoot, maar ze bedoelen het goed.
 
Jagdschloss Grunewald
Hüttenweg 100

0049 30  81 33 597
Open: 1 april – 31 juli 2011; di tm. zo: 10–18; ma dicht
LET OP: augustus en september 2011 wegens verherbouw dicht.
Vanaf oktober: di tm zo: 10–18
November 2011 tot maart 2012: alleen met rondleidingen op zaterdag, zondag en feestdagen om 11, 13 en 15

Forsthaus Paulsborn
Hüttenweg 90
Am Grunewaldsee
T +49 (0) 30 81 81 91-0
Iedere dag open vanaf 11

En hier op Facebook

 

Kjosk

07/27/2011

0 Comments

 
Picture
Kavel Kjosk ná de behandeling
Kiosk komt van het Turkse woord Köşk, dat tuinhuis betekent. Een tuinhuis kan de luiken opendoen zodat iedereen kan binnenkomen. Alles wat er op de wereld gebeurt, is in dat kleine hokje verzameld, zoals de tijdschriftenstalletjes in grote steden. Dat constateerde essayiste Pauline Terreehorst in het helaas uitverkochte boek Leefstijlen, Wonen in de 21e Eeuw uit 1997. Uit de essays van 14 auteurs filterden we in dit boek een drietal woontypes waarvan het tuinhuis er een was. Het tuinhuis als plek om te plezieren, samen te komen, gasten te ontvangen; losgekoppeld van de oude zware infrastructuur en gekoppeld aan de nieuwe web-infrastructuur (in 1997 werd het woord web gebruikt als  internet werd bedoeld). In Berlijn (en veel andere steden) een aangenaam verschijnsel, de kiosk. Voor je krantje (weinig mensen hebben hier een krantenabonnement), je natje (bier, voor vóór, tijdens of na het werk) en je droogje. Uit Nederland ken ik alleen de haringkar en de bloemenstal, maar die verkopen alleen haring. Of bloemen.

Grappig en toevallig, of juist niet, is dat een van de leukere kiosken in Kreuzberg te vinden is. Kreuzberg, dat volgens velen dé Turkse wijk van Berlijn is. Dat betwijfel ik, want Wedding en Neukölln kunnen er ook wat van, qua Turken. Kjosk list in een bomgat, op de hoek van de Oranienstraße –de Ku’damm van Kreuzberg- en de Manteuffelstraße. Kjosk is een combinatie van een biergartentje en een kiosk. Ook zijn er tafeltennistafels, voor wie bier/koffie drinken graag met bewegen vermengt. En oude dubbeldekkerbus uit 1965 dient als kiosk en als bar. Van confetti tot hondevoer; van melk tot brood, van bloedworst van de Neuköllner Blutwurstmanufaktur tot aan brunch op zondag; alles kan in deze combi van Späti (Spätkauf =winkel die dag en nacht open is) en kiosk. 
Picture
Kavel Kjosk vóór de behandeling
Het stikt natuurlijk van dergelijke kavels in Berlijn waar onkruid de baas is, vermengd met hondedrollen en lege flessen. Maar soms lukt het initiatiefnemers om van dergelijke betekenisloze kale plekken iets bijzonders te maken. Bij Kjosk is het de truffelzwijnen -zo worden dergelijke stadssnuffelaars- en pioniers genoemd- gelukt om weer een prettig plekje aan Berlijn toe te voegen. De minibiergarten is de ideale stek om de Berlijnse verkeerschaos te beoordelen. Maar ook om de graffiti-kunst op de muur naast Kjosk te bewonderen. Want daar heeft op de brandwand de Belgische street-artkunstenaar ROA zijn laatste werk gemaakt. 
Picture
Een initiatief als Kjosk is natuurlijk een ramp voor juridisch-planologen en bestemmingsplanzeikerds, want deze plek is zowel tuin, als winkel, als café als restaurant als kiosk. Gelukkig doen de ambtenaren in Berlijn dáár niet moeilijk over en kunnen dergelijke interessante cross-overs die het leven in de stad veraangenamen en vergemakkelijken gemakkelijk ontstaan en hun gang gaan. 

Kjosk
Oranienstraße 1 in Kreuzberg, 
vlak naast U-Bahnhof Görlitzer Park (U1)

 
 
Picture
Toen de DDR nog bestond hadden veel Oost-Duitsers een Kleingarten met een Datsche (volkstuin met een tuinhuisje). Dat waren ideale plekken om te kunnen ontspannen; het ‘echte’ leven vond op de Datsche plaats, niet in de gebouwde socialistische werkelijkheid. Niet alleen volkstuinen waren populair, ook kamperen was een grote trend onder de bevolking van de DDR. Families in afgeladen Trabantjes met daarachter een vouwwagen zorgden in vakantietijden voor opstoppingen op de betonnen wegen. Wat een verschil met het heden als je van die enorme caravans en campers op de weg ziet rijden. Primitief kamperen in een tentje zie je helaas steeds minder. Nu de vakantie is aangebroken is het interessant om te kijken hoe de mensen ten tijde van de DDR kampeerden. 

Om dit te ontdekken kun je naar de tentoonstelling ‘DDR Camping – Freizeit und Alltag’ gaan. Dit is een interactieve tentoonstelling waarbij je niet alleen je ogen nodig hebt maar ook je handen en voeten zodat je de tentoongestelde voorwerpen kunt aanraken en uitproberen. De tentoonstelling laat 500 verschillende onderdelen en voorwerpen zien die kenmerkend zijn voor het kamperen in de DDR. Er worden bekende kampeersituaties uit de DDR uitgebeeld;  zo is er de wereldberoemde Trabant met vouwwagen en complete originele uitrusting te bekijken en bevoelen. Verder is de bekende Dachzelt, in de volksmond ook wel bekend als ‘Pension Sachsenruh’ te zien. Veel mensen kennen deze nog uit de film ‘Go Trabi Go’, die Sachsen kommen; een roadmovie uit 1991 waarin een Trabant met Dachzelt/daktent een belangrijke rol speelt; zie foto hieronder. Die Dachzelt is een typisch jaren ’70-uitvinding en bestaat uit een constructie van stalen buizen en tentdoeken die makkelijk bovenop de Trabant gemonteerd kan worden. Daarmee was dit een ideale overnachtingsmogelijkheid voor mensen met weinig geld.
Picture
Verder is de erg populaire Reisezweier RZ85 te zien en voelen. Dat is een opvouwbare kajak van de Firma Pouch, die in de DDR-tijden kampeerspullen zoals tenten, rugzakken en opvouwbare boten produceerde. 
Picture
Behalve deze kampeerspullen zijn er nog vele andere objecten uit het dagelijkse leven in de DDR te zien. Voor degene die het DDR-museum van binnen en van buiten kennen is deze tentoonstelling leuk om naar toe te gaan. Je kan er ook in een Dachzelt proefliggen.  

Tentoonstelling tot  eind december 2011
dagelijks van 10.00-20.00 uur
in het 1. Berliner DDR Motorrad-Museum
Rochstraße 14
(onder het spoor tussen Alexanderplatz en Hackeschen Markt)

Dit is een blogbijdrage van Wahlberlinerin Margit Cevaal. Zij zal de komende tijd als gastbloggerin regelmatig een blogpost voor dit Berlijnblog schrijven.


 
 
Picture
Dat het viersterren-hotel Park Inn Berlin-Alexanderplatz meer te bieden heeft dan overnachtingen in luxe hotelkamers blijkt ook nu weer. Op 1 juli 2011 is een groot congres- en evenementenruimte, genaamd “Panorama 37” geopend. Met 150 meter is het Park Inn hotel het hoogste gebouw van Berlijn. Het heeft 37 verdiepingen met 1012 hotelkamers in verschillende categorieën. Op het dakterras op de 40e verdieping van het hotel kunnen hotelgasten met een glas champagne of een cocktailtje genieten van het prachtige uitzicht over Berlijn.

Vanaf 1 juli is het mogelijk om vergaderingen, congressen en andere evenementen op grote hoogte bij te wonen. En wat is nou beter om tijdens een wat saaie vergadering even lekker uit het raam te kijken en Berlijn van bovenaf te kunnen bekijken? Op die 37e etage bevond zich tot voor kort een casino. Deze is sinds de herfst van 2010 gesloten, waardoor er ruimte is ontstaan om de congres- en vergaderruimten te kunnen bouwen. Met de zeven extra ruimten wordt het mogelijk om door de flexibel in te delen ruimten congressen, vergaderingen en evenementen te organiseren voor 10 tot 400 deelnemers.
Picture
Werk je zelf niet in het wereldje van vergaderingen, conferenties of congressen, maar zou je graag eens gebruik maken van zo’n toplocatie met prachtig uitzicht? Dan kan dit ook. Je hoeft niet persé uitgenodigd te zijn voor een saaie conferentie of dito vergadering. De ruimten zijn ook voor privé-gelegenheden af te huren.

Hou je van wat meer actie en wil je dat de adrenaline door je lichaam raast? Ook dan kun je terecht bij Park Inn. Vanaf het dak van het hotel kun je een Base-Flying sprong maken. Base-flying is een van de nieuwste sporten om uit grote hoogte, veilig vastgemaakt aan een kabel de diepte in te springen. Deze vorm van sport bevindt zich tussen bungeejumpen en parachutespringen in. In tegenstelling tot bij bungeejumpen is er geen sprake van een rebound en hang je ook niet op de kop. Links en rechts parallel lopende staalkabels dienen ter stabilisatie van de base-flyer en zorgen voor een loodrechte, zachte en gecontroleerde vlucht en landing. De snelheid bij base-flyer is met ongeveer 90 kilometer per uur adembenemend. De landing wordt ongeveer tien meter boven de grond in gang gezet door een remsysteem. 
Picture
Deze attractie bevindt zich op het dak van Park Inn. Tijdens de sprong kom je oog in oog te vliegen met de nabijgelegen Fernsehturm. Mocht je onderweg tijd hebben om om je heen te kijken: dan  heb je het mooiste uitzicht over Berlijn. De vliegervaring laat grote indruk achter en is niet alleen de spannendste attractie van Berlijn maar in heel Europa een unicum.

Heb je geen hoogtevrees en wel zin in wat actie, dan kun je de sprong wagen! Op elke vrijdag, zaterdag en zondag wordt de base-flying vanaf het Park Inn georganiseerd.

Voor het boeken: klik hier.

http://www.base-flying.de/base-flying-location.html

Park Inn Berlin Alexanderplatz
Alexanderplatz 7
http://www.parkinn-berlin.de/

T: +49 30 2389-0

Dit is een blogbijdrage van Wahlberlinerin Margit Cevaal. Zij zal de komende tijd als gastbloggerin regelmatig een blogpost voor dit Berlijnblog schrijven.
 

1